
Slaap Lekker Yoga Nidra voor slaap
Deze yoga nidra sessie begeleidt je zacht naar slaap met het ritme van de maan en de zee. Je lichaam baadt in zacht maanlicht terwijl je adem golft als het getij. Via een rustgevende body scan en een visualisatie aan het nachtelijke strand zak je steeds dieper weg. Je wordt aan het einde niet wakker gemaakt.
Transcript
Deze yoga nidra sessie begeleidt je lekker zacht naar een heerlijke slaap.
Het is de bedoeling dat je tijdens of na deze sessie in slaap valt,
Dus ik maak je aan het einde niet wakker.
Er is geen signaal,
Geen bel om terug te komen.
Mocht je deze sessie dus gebruiken voor een kort moment van rust en liever niet inslapen,
Zet dan een wekker voor jezelf.
Vannacht gaan we werken met twee natuurlijke ritmes.
Het zachte licht van de maan en het getij van je adem.
Beiden bewegen in golven.
Beiden brengen rust.
Je ligt waarschijnlijk al in bed.
Neem even de tijd om je nestje perfect te maken.
Misschien je kussen opschudden of een extra deken pakken.
Alles wat je comfortabeler maakt.
En het liefst ga je op je rug liggen.
Je benen rusten iets uit elkaar.
Je voeten vallen naar binnen of naar buiten,
Net wat fijn is.
Je armen liggen naast je,
Met je handpalmen naar boven gericht.
En als je er klaar voor bent,
Sluit je je ogen.
En misschien vind je het lekker om eerst even heel diep te zuchten.
Adem in door je neus en laat dan alle adem los door je mond.
En maak daar maar lekker geluid bij.
Adem in en zucht het er allemaal maar uit.
Heerlijk.
Kom maar terug naar je natuurlijke ademhaling.
En ook al zijn je ogen gesloten,
Stel je voor dat er licht in je kamer is.
Niet het velle licht van de dag,
Maar het zachte,
Zilverachtige licht van de maan.
Misschien schijnt het zelfs echt door je raam naar binnen.
Of misschien stel je het gewoon voor,
Dat maakt niet uit.
Het maanlicht is er voor jou.
Maanlicht is anders dan zonlicht.
Het verwarmt niet,
Het verlicht alleen maar.
Zacht,
Kalm,
Zonder te vragen om iets.
En terwijl dat maanlicht zacht in je slaapkamer hangt,
Breng je je aandacht naar je ademhaling.
Je hoeft niets te veranderen,
Alleen maar voelen.
Voel hoe de lucht naar binnen stroomt,
Als een golf die de kust bereikt.
En hoe de lucht weer naar buiten gaat,
Als diezelfde golf die zich terugtrekt.
In,
Als een golf die komt.
En uit,
Als een golf die gaat.
Je adem heeft hetzelfde ritme als de zee.
Eeuwig,
Rustgevend,
Altijd hetzelfde,
Maar toch elke keer nieuw.
En net zoals de maan het getij beïnvloedt,
Zo verlicht het maanlicht nu je ademhaling.
Je kunt het bijna zien,
Hoe je adem glimt in dat zachte licht.
Blijf maar ademen in je eigen tempo.
Voel de golven.
Zie het maanlicht.
Vind je eigen ritme.
Je hoeft er niets mee te doen.
Als je wilt,
Mag je even terugdenken aan je dag.
Misschien was er een moment dat fijn was.
Iets kleins of iets groots.
Een warm kopje thee,
Een vriendelijk gesprek,
Zonlicht op je gezicht.
Of misschien komt er even niets in je op.
Dat is ook helemaal goed.
Wat er ook was,
Het is geweest.
De dag is nu voorbij.
Je mag hem loslaten.
En laat je lichaam nu zwaar worden.
Voel hoe het wegzakt in je matras.
Alsof je in zacht zand ligt.
Ondersteund.
Beschermd.
Het maanlicht valt als eerste op je gezicht.
Probeer het te voelen.
Niet als warmte,
Maar als zachtheid.
Je voorhoofd baat in het maanlicht.
Het ontspant,
Verzacht.
Het licht glijdt over je wenkbrauwen.
Over je gesloten ogen.
Je ogen rusten diep.
Beschut.
In zachte duisternis.
Je wangen,
Je neus,
Je mond.
Allemaal verlicht door de maan.
Je kaak laat los.
Je lippen worden zacht.
En je tong rust in je mond.
Alle kleine spiertjes in je gezicht laten los.
Het maanlicht stroomt over je kil,
Je nek.
Een golf van ontspanning.
En nu stroomt het licht naar beneden.
Over je schouders.
Eerst je rechterschouder.
Verlicht.
Ontspannen.
Wegzakkend.
Het licht glijdt over je rechterarm.
Je bovenarm baat erin.
Je elleboog wordt zacht.
Je onderarm.
Je pols.
Je hand.
Al je vingers glimmen in het maanlicht.
Duim.
Wijsvinger.
Middelvinger.
Ringvinger.
Pink.
Allemaal rustend.
Je linkerschouder ontvangt nu het licht.
Zwaar en zacht tegelijk.
Het maanlicht stroomt langs je linkerarm naar beneden.
Bovenarm.
Elleboog.
Onderarm.
Pols.
Hand.
Je hele linkerhand glimt.
Elke vinger.
Van duim.
Naar wijsvinger.
Middelvinger.
Ringvinger.
Pink.
Helemaal verlicht.
Helemaal in rust.
Het maanlicht verzamelt zich nu op je borst.
Voel het daar rusten.
Zacht en zilverachtig.
Met elke inademing komt er een nieuwe golf licht binnen.
Met elke uitademing wordt het licht dieper en rustiger.
Adem in.
Een golf van licht komt binnen.
Adem uit.
Het licht zakt dieper.
Adem in.
Zilver stroomt naar binnen.
Adem uit.
Alles wordt zachter.
Het licht verspreidt zich naar je buik.
Je buik mag helemaal zacht zijn.
Het maanlicht maakt alles soepel,
Warm en ontspannen.
Je heupen baden in het licht.
Je bekken.
Alle spanning vloeit weg.
Meegevoerd door het getij van je adem.
Het licht stroomt naar je bovenbenen.
Rechter bovenbeen.
Verlicht en zwaar.
Linker bovenbeen.
Glanzend en rustend.
Allebei je knieën worden zacht.
Je onderbenen.
Scheenbenen en kuiten.
Allemaal badend in maanlicht.
Alsof je in helder water ligt en het maanlicht door het water op je huid danst.
Tot in je voeten stroomt het maanlicht.
Je rechtervoet glimt.
Je hiel.
Je vreef.
Je tenen.
Grote teen.
Tweede teen.
Derde teen.
Vierde teen.
Kleine teen.
Allemaal verlicht.
Je linkervoet gloeit in het maanlicht.
De hele voet en alle tenen.
Grote teen.
Tweede teen.
Derde teen.
Vierde teen.
Kleine teen.
Helemaal in rust.
Je hele lichaam ligt nu in een bad van maanlicht.
Van je hoofd tot je voeten.
En je voeten tot je hoofd.
Verlicht.
Ontspannen.
Drijvend.
En je adem blijft golven.
In en uit.
Zoals het getij.
Zoals de maan die elke nacht verschijnt en verdwijnt.
Als je wilt,
Mag je hier een zachte wens voor jezelf bedenken.
In dit maanlicht.
Op deze golf.
Misschien iets als ik rust diep en vredig.
Of ik word fris wakker.
Of iets heel anders.
Wat er ook in je opkomt.
Herhaal het drie keer zachtjes voor jezelf.
En laat je wens dan los.
Laat het wegdrijven op het licht.
Op de golven van je adem.
Stel je nu voor dat je niet in je bed ligt,
Maar aan zee.
Snachts.
Onder de volle maan.
Je ligt op warm,
Zacht zand.
Het zand heeft de warmte van de dag nog vastgehouden.
En het vormt zich perfect om je lichaam heen.
De lucht is lauw,
Niet koud,
Niet warm.
Precies goed.
Boven je is de hemel vol sterren.
Maar de maan schijnt het velst.
Groot,
Rond,
Zilver.
En voor je,
Vlakbij,
Hoor je de zee.
Het geluid van golven die komen en gaan.
Geen wilde golven.
Geen storm.
Alleen maar zachte,
Eindeloze golven.
Die het strand bereiken en zich weer terugtrekken.
De golf komt.
Fluisterend over het zand.
De golf gaat.
Terug naar zee.
En je adem volgt precies dat ritme.
Inademen met de golf die komt.
Uitademen met de golf die gaat.
In.
De golf bereikt het strand.
Uit.
De golf trekt zich terug.
In.
Water stroomt naar voren.
T.
Water vloeit terug.
Je hoeft niets te doen.
De zee ademt voor jou.
De maan verlicht de weg.
Het zand draagt je.
Misschien voel je af en toe een heel zacht briesje.
Het ruikt naar zout,
Naar zee,
Naar ontspanning.
Het maanlicht tekent een pad op het water.
Een zilverachtig pad dat van de horizon naar jou toe lijkt te lopen.
En telkens als een golf terugtrekt,
Glimt het water in het maanlicht.
Alsof er duizend kleine lichtjes in de golven zitten.
Je ligt hier veilig.
Beschermd.
Niemand kan je hier vinden.
Dit is jouw plek.
Jouw moment.
De zee blijft ademen.
In en uit.
In en uit.
En met elke golf die terugtrekt,
Neemt de zee iets van je dag mee.
Een gedachte.
Een spanning.
Een zorg.
De zee neemt het mee.
Lost het op.
Weer een golf.
Weer iets dat mag gaan.
En met elke golf die komt,
Brengt de zee iets nieuws.
Rust.
Stilte.
Vrede.
Nemen en geven.
Geven en nemen.
Het eeuwige ritme.
Je lichaam wordt zwaarder.
Alsof je langzaam in het warme zand zakt.
Rustgevend.
Comfortabel.
Het zand omhelst je.
Je hoofd rust.
Je schouders rusten.
Je rug.
Je benen.
Je voeten.
Alles zakt weg.
En terwijl je lichaam zakt en zwaarder wordt,
Wordt je geest juist lichter.
Leger.
En stiller.
Gedachten zijn er nog wel.
Maar ze zijn als die golven.
Ze komen.
En ze gaan.
Je hoeft ze niet vast te houden.
Laat ze maar komen.
Laat ze maar gaan.
Het maanlicht wordt zachter.
Of misschien worden je ogen zwaarder.
Het is moeilijk om het verschil te zien.
De golven klinken verder weg.
En je zakt dieper weg.
Dieper.
En dieper.
Met elke golfbeweging zak je dieper weg.
10.
De golf komt tot je tenen en trekt zich weer terug.
Je tenen zakken in de zee.
9.
De golf komt tot je enkels.
Spult er overheen en trekt zich terug.
Je voeten rusten.
8.
De golf bereikt je onderbenen,
Je scheenbenen,
Je kuiten.
Overspolt door rust.
De golf trekt zich terug.
7.
De golf komt tot je knieën.
Spult er overheen.
Je knieën worden zacht.
De golf gaat terug.
6.
De golf bereikt je bovenbenen.
Je dijen baden in het water.
Zwaar en ontspannen.
De golf trekt zich terug.
5.
De golf komt tot je heupen,
Je bekken.
Alles wordt zacht.
De golf spoelt terug naar zee.
4.
De golf bereikt je buik,
Je onderrug.
Warm water dat rust brengt.
En de golf trekt zich terug.
3.
De golf komt tot je borst,
Je hart.
Je hele romp baadt in rust.
En de golf gaat terug.
2.
De golf bereikt je schouders,
Je nek,
Je keel.
Overspolt door vrede.
De golf trekt zich terug.
1.
De golf komt tot je kruin en brengt diepe ontspanning.
Van je tenen tot je kruin,
Helemaal ondergedompeld.
De golf trekt zich langzaam terug.
Je bent één met de zee.
Alles wordt stil.
Alles wordt zacht.
Alles wordt ver weg.
Je drijft,
Ergens tussen het strand en de slaap,
Tussen het water en de droom.
En het is veilig om los te laten,
Om mee te gaan.
De maan waakt over je.
De zee draagt je op haar adem.
Op golven die je niet nat maken,
Maar alleen maar dragen.
Een golf van rust.
Dieper zakken.
Maanlicht.
Wegdrijven.
Verder en verder.
Dieper en dieper.
Tot er alleen nog maar dit is.
Deze zachtheid.
Deze stilte.
Dit licht.
En de eindeloze golven van rust.
Die je dragen.
De hele nacht door.
Veilig.
Slaap lekker.
Maak kennis met je leraar
