50:15

Yoga - staand

by Renee Piket

rating.1a6a70b7
Beoordeeld
4.7
Group
Activiteit
Meditatie
Geschikt voor
Iedereen
Afgespeeld
668

Yoga - staand. Bewegingsoefeningen als onderdeel van de mindfulness training (MBSR). Het lichaam is een prima ‘uitvalsbasis�� om grenzen te onderzoeken en grenzen te leren kennen. Tijdens het doen van de yoga oefeningen is het de kunst die grens op te zoeken en te respecteren. Hoe ver je komt, hoe diep je gaat of hoe lang je een oefening volhoudt is bij de yoga niet relevant. Bij de instructie ‘breng je arm richting het plafond’ zal de één zijn arm verticaal strekken en een ander zijn arm een stukje kunnen bewegen of misschien alleen een vinger optillen. Alle drie zijn even waardevol, als je daarbij rekening houdt met wat op dit moment jouw mogelijkheden zijn. Het lichaam kan van dag tot dag, zelfs van uur tot uur, verschillen in souplesse en gevoel. Het is dus goed daarmee rekening te houden bij het oefenen.

Transcript

Je begint nu met de staande yoga-oefeningen.

Bedenk dat je dit doet in aandacht,

Bewust van elk moment.

Neem een houding aan van niet-oordelen.

Verken je grenzen op een vriendelijke en milde manier,

Zonder het lichaam te forceren.

Respecteer je eigen grenzen.

Het gaat er niet om dat je een prestatie levert of een doel bereikt.

Gewoon bewust bewegen en het effect van de oefeningen te voelen op het lichaam,

De beweging van de adem en misschien ook bewustzijn van de gedachten en gevoelens die je ervaart tijdens het oefenen.

Als je een oefening niet kan doen,

Doe hem dan in gedachten mee.

Visualiseer de oefening.

Probeer je tijdens het oefenen steeds bewust te zijn van de adem.

De adem is een goede graadmeter van de grenzen.

Als de adem stopt,

Dan ben je waarschijnlijk over een grens gegaan.

In dat geval kan je een stukje teruggaan in de oefening,

Misschien de arm minder hoog brengen of iets anders doen om de oefening wat lichter te maken,

Zodat je weer vrij kan ademen.

De adem en de bewegingen kunnen samen gaan.

Wanneer je dit lastig vindt,

Laat dan deze koppeling los en concentreer je op de uitvoering van de bewegingen.

Je kan de oefeningen met gesloten ogen doen of met de ogen open.

Kijk wat prettig is voor jou,

Nu op dit moment.

Begin met staan op de mat of op de vloer.

De voeten zijn op heupbreedte en zo recht mogelijk naar voren.

En breng de aandacht naar de voeten en voel het contact met de grond.

Breng het gewicht van het lichaam naar de voeten en kijk innerlijk naar de afdruk die je voeten maken in de grond.

Als een afdruk in het zand.

En breng nu de aandacht naar de enkels,

De onderbenen,

De knieën,

Controleer of de knieën los zijn,

Niet op slot staan.

Ga verder met de aandacht naar de bovenbenen,

Het bekken,

Het bovenlichaam,

De rug,

Schouders,

Armen,

Handen en het hoofd.

Je duwt de kruin richting het plafond.

Je staat stevig geworteld zoals een berg,

Die een stevig fundament op de aarde heeft en waarbij de bergtop omhoog de ruimte ingaat.

We noemen dit de berghouding.

En wees je bewust van het gevoel van volledig aanwezig zijn.

Wakker en opmerkzaam in het hier en nu en voel hoe de adem in en uit het lichaam stroomt.

Breng dan de aandacht naar de voeten en laat je lichaam dan wat naar voren hellen,

Waarbij je gewicht naar je tenen rolt.

Beweeg dan weer terug en breng het gewicht meer op je hielen en dan weer naar voren en zo beweeg je heen en weer.

Je beweegt vanuit je enkels,

Dus je lichaam is recht en het gewicht beweegt,

Wuift als het ware,

Van voor naar achter.

Je staat stil en toch beweeg je als wuivend riet.

Merk op wat er gebeurt met je gewicht terwijl je zo heen en weer gaat.

En met je evenwicht.

En maak je bewegingen niet te groot.

Vaak kun je juist meer opmerken als je wat minder,

Subtieler beweegt.

En doe dan de beweging eens van links naar rechts.

Blijf met je aandacht bij je voeten en het gewicht dat daar heen en weer rolt.

En dan dezelfde beweging in cirkelvorm.

Van de rechterzijkant naar de tenen,

Van de tenen naar links,

En dan naar achteren en zo voorts.

Net als een duikelaartje.

En ervaar wat er gebeurt met je evenwicht en waar het lichaam zich vanzelf corrigeert voor een nieuwe balans.

En kom dan weer tot rust,

Tot stilstand.

En dan ga je ook de andere kant op.

Maak nu de cirkel steeds kleiner.

En kom tot stilstand in het midden.

En voel hoe je nu staat.

Stevig.

Stil.

En geworteld.

Wat voel je in je enkels?

Het contact van je voetzolen met de vloer?

Als je wil kun je je voeten even los schudden.

Breng dan op de inademing beide armen gestrekt voorwaarts omhoog.

Je schouders blijven laag.

Werk op tot hoe ver dit gemakkelijk gaat.

En hou je armen even daar waar het moeilijker wordt.

Beweeg dan door.

En je schouders gaan nu meehelpen in de opwaartse beweging.

En als ze omhoog zijn,

Strek je ze uit richting het plafond of zo ver als nu goed voor jou voelt.

Breng de aandacht naar de vingertoppen.

Voel bewust je grenzen,

Strekken en rijken.

Wat merk je op in het lichaam?

Ervaar de stretch aan de zijkanten van het lichaam.

En beweeg op een uitademing de armen heel langzaam weer naar beneden.

En voel ze bewust door de lucht naar beneden bewegen,

Tot ze weer langs het lichaam hangen.

Je staat weer in de berghouding.

En wees met aandacht bij de adem en bij de sensaties in het lichaam.

Merk het effectop van deze oefening op het lichaam.

En voel hoe de voeten stevig op de grond staan.

Verankerd.

Stevig als een berg,

Met het hoofd als de top van de berg en de voeten als de stabiele basis.

Bewust staan en aanwezig zijn in het lichaam.

Beweeg dan je armen zijwaarts omhoog,

Horizontaal op schouderhoogte.

Je handen in het verlengde van je armen.

Heel rustig en licht volg je de beweging met je aandacht.

Flex in deze positie je handen naar je toe,

Zodat je vingertoppen naar het plafond wijzen.

Wat voel je?

In je polsen,

Armen,

Schouders.

Breng dan met aandacht je handen weer horizontaal.

En op de uitademing laat je langzaam de armen zakken.

Kom weer in de berghouding.

Merk het effect van de oefening in je lichaam.

Wees je bewust van je voeten,

Stevig verankerd met de grond.

En breng dan op de inademing je linkerarm zijwaarts richting het plafond.

De rechterarm blijft ontspannen hangen.

Strijk nu de linkerarm uit alsof je een appel wilt plukken,

Waar je misschien net bij komt.

Rijk naar die appel.

Je kunt de rechterhiel omhoog laten komen en merk op wat dat met de linkerzij doet.

Blijf ademen en voel wat er in het lichaam gebeurt.

En op de uitademing zet je de hiel weer neer en laat je de arm langzaam naar beneden zakken.

Hoe voelt de linkerkant van het lichaam nu?

En de rechterkant?

Gewoon opmerken hoe beide kanten van het lichaam voelen.

Nu op dit moment.

En op een inademing strek je nu de rechterarm uit naar het plafond.

Aandacht bij de beweging.

Strek en rijk naar die appel en laat misschien de linkerhiel iets van de grond komen waardoor je nog meer de strekking aan de rechterkant kan voelen.

En op een uitademing zet je de hiel neer en laat je de rechterarm met aandacht weer zakken.

Heel langzaam.

En sluit de ogen.

En sta.

Volledig in het nu.

Gewaar van sensaties in het lichaam.

En gewaar van de adem.

Beweeg nu beide armen richting het plafond.

Strek de armen.

En als je wil kan je de duimen in elkaar haken.

En buig het bovenlichaam opzij naar links.

De heup gaat iets naar rechts.

En blijf ademen.

Het hoofd is tussen de armen.

En forceer jezelf niet.

Voel je de stretch in de zij.

En adem door.

En kijk of je de stretch iets zachter kunt laten worden.

Bedenk dat je altijd net tot aan je grens gaat.

Dit kan betekenen dat je weer in de berghouding komt.

Als de oefening voor jou lang genoeg heeft geduurd.

Of dat je iets minder ver strekt.

Of juist iets verder strekt.

Als dat goed voor je voelt.

En zorg ervoor dat je vrij kunt blijven ademen.

En op een inademing beweeg je de armen weer omhoog.

Strek ze weer recht omhoog.

En bij de uitademing buig je opzij naar rechts.

De heup gaat dan iets naar links.

Sta jezelf toe om deze stretch met onverdeelde aandacht te ervaren.

Adem rustig door.

Op een inademing beweeg je de armen en het hoofd weer omhoog.

Even uitstrekken.

Laat dan de armen bij de uitademing weer omlaag zakken.

Langzaam terug naar beneden.

En sta.

Adem.

Volledig aanwezig.

Opmerkzaam.

En zonder oordeel.

Richt nu de aandacht op de schouders.

En bij de inademing trek je de schouders omhoog naar de oren.

Laat ze op de uitademing weer naar beneden vallen.

En trek ze weer omhoog.

En draai langzaam rondjes met de schouders.

Door ze te bewegen naar achteren.

Naar beneden.

En in een doorgaande beweging naar voren.

En weer omhoog.

Draai zo een aantal rondjes in je eigen tempo.

En voel de beweging in de schouders.

En in de borstkas.

En bij de schouderbladen.

En draai ook de andere kant op.

En adem door terwijl je draait met de schouders.

Wanneer de schouders weer omhoog zijn,

Hou ze daar dan.

En op een uitademing laat je de schouders weer naar beneden vallen.

En wat is het effect van deze oefening?

Waar voel je dat je bewogen hebt?

En ga nu met aandacht naar de nek.

En laat op de uitademing het hoofd langzaam voorover zakken.

Tot de kin op de borst rust.

En let hierbij goed op je eigen grens.

En voel de sensaties in de nek.

En blijf ademen.

Beweeg op een inademing het hoofd omhoog en door naar achteren als je dat kunt.

En open de ogen.

En kijk zo ver mogelijk naar achteren.

Als je wilt kun je met de mond en de kaken bewegen.

En voel wat dit doet aan de voorkant van de hals.

Bij de keel.

En beweeg het hoofd weer terug naar voren.

En weer voorover.

En laat het hoofd hangen.

En wees je bewust van de adem.

En kijk of je bij iedere uitademing de spanning in de nek iets zachter kunt maken.

En beweeg nu het hoofd weer omhoog.

En achterover.

Adem.

Open de ogen.

En kijk naar achteren.

En kom nu met het hoofd weer langzaam omhoog.

En wees je bewust van het moment dat het hoofd weer recht op het lichaam staat.

En laat op de uitademing nu het linkeroor richting de linkerschouder zakken.

Houd daarbij je eigen grens in de gaten.

En sta jezelf toe om de schouders te ontspannen.

En voel de stretch aan de rechterkant van de schouders.

En de nek.

En adem.

Merk je ergens spanning op?

En kan je de spanning misschien zachter laten worden met de adem?

Op een inademing beweeg je het hoofd weer omhoog.

En op een uitademing beweeg je nu het rechteroor naar de rechterschouder.

Let op je grens en adem.

En laat de schouder laag zijn.

Voel nu de stretch aan de linkerkant van de schouder.

En de nek.

En breng het hoofd weer omhoog.

Sluit de ogen.

En sta open voor alle lichaamssensaties.

En voel het effect van deze oefening.

De volgende oefening is een balansoefening.

Wanneer je dit prettig vindt,

Kun je zorgen dat er een stoel in de buurt staat,

Waar je eventueel de hand op kan leggen voor wat extra evenwicht.

Je kan ook dichtbij een muur gaan staan.

Voor deze balansoefening ga je weer stevig in de berghouding staan.

Voel de voeten op de vloer of te mat staan.

En breng dan het gewicht op het rechterbeen.

Merk op hoe dat voelt in het lichaam.

Spreid de armen zijwaarts,

Tot ze parallel aan de vloer zijn.

En til het linkerbeen zijwaarts omhoog.

Begin met een klein stukje.

De rechtervoet en het rechterbeen dragen je nu volledig.

Focus de ogen op één punt.

Ongeveer anderhalve meter voor je op de vloer,

Of op de muur.

En merk op hoe het rechterbeen en de voet zich blijven aanpassen,

Om in evenwicht te blijven.

En blijf doorademen.

Laat de adem bij de inademing diep in het lichaam stromen.

Dit kan je helpen om steviger te blijven staan.

En als je stabiel staat,

Kun je experimenteren met de hoogte van het been.

Laat nu het linkerbeen en de armen weer zakken.

En sta weer in de berghouding.

Hoe voelt het rechterbeen nu?

En het linker?

Focus de ogen weer op het punt voor je.

En breng nu het gewicht op het linkerbeen.

En wees je gewaar hoe dit voelt.

Breng de armen zijwaarts omhoog tot op schouderhoogte.

En til het rechterbeen zijwaarts omhoog.

Tot daar waar het voor jou past.

En blijf doorademen.

Misschien kan het been nog wat hoger?

Speel met de grens.

En wees je gewaar van de sensaties in beide benen tijdens deze oefening.

En laat dan met aandacht op de uitademing het been en de armen weer zakken.

Je komt weer in de berghouding.

Volledig aanwezig.

En voel na wat deze oefening heeft gedaan met het lichaam.

Voor de volgende oefening plaats je de handen op de heupen.

Het bekken blijft naar voren gericht terwijl je op de inademing het bovenlichaam langzaam linksom draait.

Je draait vanuit je middel.

De kin richting de linkerschouder.

En kijk zo ver mogelijk over de schouder naar achteren.

En voel de draaiing van het bovenlichaam.

Wat merk je op in de rugspieren?

En de borstspieren?

En de adem?

Adem uit en draai weer naar voren.

En op de inademing draai je door naar rechts terwijl het bekken naar voren blijft wijzen.

En kijk zo ver mogelijk over de rechterschouder naar achteren.

Gewaar van de sensaties.

En kom op een uitademing weer uit de draai terug naar voren.

En maak weer een draai naar links.

Maar nu helemaal vanuit de enkels.

De handen blijven op de heupen.

En de voeten op hun plaats.

En draai naar links vanuit de enkels.

De kin weer over de linkerschouder.

En kijk zo ver mogelijk over de schouder naar achteren.

En adem goed door.

Laat het lichaam zachter worden in deze houding.

En draai nu weer naar voren.

En door naar rechts.

Voel de draai in het lichaam.

Te beginnen bij de voeten en enkels.

De benen.

Het bekken.

Het bovenlichaam.

De nek.

En het hoofd.

En op een uitademing kom je weer terug in de berghouding.

Laat de armen weer langs het lichaam hangen.

En ervaar de sensaties in het lichaam na deze oefening.

En als je het prettig vindt,

Kun je de armen en benen even los schudden.

Voor de volgende oefening zijn de knieën licht gebogen.

En strek de armen op een inademing naar voren.

En omhoog richting het plafond.

En op een uitademing buig je het bovenlichaam vanuit het bekken langzaam naar voren.

Naar beneden.

Totdat je voorover hangt.

Het bovenlichaam hangt.

De schouders hangen.

Het hoofd hangt.

De armen hangen.

En alles is zacht als een lappe pop.

En adem.

En laat op elke uitademing alles nog wat meer hangen.

Misschien zak je nog ietsjes verder.

Het maakt niet uit hoe ver je komt.

En wees je gewaar van dit hangen.

Hoe voelt dit?

Heb je gedachten over deze houding?

En beweeg nu op een uitademing de linkerarm omhoog tot parallel aan de vloer.

Strek deze arm terwijl de rest van het lichaam blijft hangen.

Welke spieren houden de linkerarm omhoog?

Wat merk je op in de linkerschouder?

En laat de linkerarm weer zakken en voel na.

En beweeg nu de rechterarm omhoog tot parallel aan de vloer en strek de arm ademvrij door.

En laat de arm weer aandachtig zakken tot ook deze weer hangt.

Zijn de knieën nog licht gebogen?

En kom dan langzaam en aandachtig vanuit de onderrug wervel voor wervel omhoog.

Bewust van elke wervel.

Je rolt als het ware omhoog.

Misschien kan je ook gewaar zijn van de buikspieren.

En adem goed door.

Het hoofd komt als laatste omhoog en sta weer in de berghouding.

Sluit de ogen en voel wat deze oefening heeft gedaan met het lichaam.

Welke effecten kun je waarnemen?

Wees je gewaar van de spieren en misschien de hartslag of gedachten en oordelen.

De volgende oefening wordt ook wel de stoel genoemd.

Strek de armen naar voren en zak door de knie alsof je in een stoel gaat zitten.

Je zal merken dat het bovenlichaam iets naar voren komt.

Hou zoveel mogelijk het hoofd en de rug recht en verken de grenzen.

Onderzoek hoe diep je door de knieën en hoe lang hou je deze houding vol.

Zolang je vrij kunt ademen weet je dat je aan de veilige kant van de grens werkt.

Forceer niets en blijf erbij in volle aandacht.

Wat voel je in de benen?

In de rug?

In de armen?

En hoe is het met de adem?

En kom weer langzaam met aandacht omhoog totdat je weer in de berghouding staat.

Schud de armen en benen uit als je dat prettig vindt.

Haal een paar keer diep adem en laat met de uitademing alles zacht worden.

Voel na wat deze oefening voor je gedaan heeft en wat voor gedachten en gevoelens er zijn.

Voor de oefening die nu komt ga je weer stevig in de berghouding staan en breng het volledige gewicht op de rechtervoet.

Voel hoe de voet je draagt en merk op wat er in het rechterbeen gebeurt.

Focus de ogen op één punt ongeveer anderhalve meter voor je op de vloer of op de muur en plaats nu de linkervoet tegen de binnenkant van het rechterbeen tegen de enkel de kuit of misschien zelfs het bovenbeen.

Kijk waar je de linkervoet tegen het rechterbeen plaatst.

Elke plek is goed.

Het gaat niet om de hoogte.

Wees je bewust van je eigen mogelijkheden en grenzen.

Zonder oordeel.

Het is goed zoals het is.

Wanneer je goed staat kan je de handen voor de borst tegen elkaar plaatsen en op een inademing breng je de armen omhoog tot boven het hoofd.

Eventueel kun je ze nog uitstrekken in de richting van het plafond.

Hou de schouders laag.

Merk op hoe het lichaam zich steeds weer aanpast om in balans te blijven.

Adem rustig door in deze houding.

Zijn de schouders nog ontspannen?

Beweeg de armen weer naar beneden en breng ook de voet weer naar de grond.

Ga weer zo staan dat je stevig,

Gegrond en rechtop staat.

En voel na.

En breng dan het gewicht op de linkervoet.

De ogen weer gericht op het focuspunt en zet de rechtervoet tegen het linkerbeen.

Tegen de enkel,

De kuit of het bovenbeen.

Elke plek is goed.

En wanneer je voelt dat je stevig staat,

Kun je de handen voor de borst tegen elkaar plaatsen.

En op een inademing breng je de armen omhoog tot boven het hoofd.

Wees je bewust van je eigen grens.

En wanneer de oefening voor jou lang genoeg heeft geduurd,

Kan je altijd stoppen.

En blijf ademen.

En houd de schouders laag en zacht.

Beweeg de armen weer omlaag.

Houd de voet nog tegen het been.

En als je armen bijna naast het lichaam zijn,

Breng je ook de voet weer naar de grond.

Zodat de armen en de voet gelijktijdig weer in de basispositie zijn.

Terug in de berghouding.

Sluit de ogen.

En breng de aandacht naar de adem.

En het lichaam als geheel.

En ervaar de sensaties van deze oefening.

Dan wil ik je nu uitnodigen om met aandacht te gaan zitten op de mat of op de grond.

En merk de intentie op om te gaan zitten.

En voel de beweging van de spieren in het lichaam.

En hoe je van staan tot zitten komt.

Breng de voetzolen tegen elkaar.

De benen zijn gebogen.

En pak de voeten of de enkels vast.

De rug is recht.

En de knieën zijn opzij.

Wat voel je in de lyse en de bovenbenen?

Merk je een strekking op?

Beweeg nu de knieën licht op en neer.

Dit is een goede oefening om de heupen en de benen wat zachter te maken.

En het is ook een mooie oefening om je grenzen te ervaren.

Adem goed door.

Hou dan de benen stil.

En voel zo eens de rekking aan de binnenkant van de benen en de lyse.

Adem door.

Misschien voel je dat de adem ruimte maakt in deze houding.

En maak opnieuw lichte vlinderbewegingen met de knieën.

En hou de benen weer stil.

En voel na.

Strek nu het linkerbeen naar voren.

En zet de rechtervoet tegen de binnenkant van het linkerbovenbeen.

Of daar waar het jou past.

En zorg dat je stevig en rechtop zit.

En strek de armen op een inademing naar het plafond.

En haak de duimen in elkaar.

En bij de eerstvolgende uitademing buig je vanuit de onderrug naar voren.

Je laat het bovenlichaam zo ver mogelijk naar beneden en naar voren zakken.

En adem.

De handen komen ergens op het been terecht.

Zo ver als het voor jou mogelijk is.

En voel de beweging.

En de stretch.

En laat bij elke uitademing spanning in de rug en de dijbenen zachter en zachter worden.

Zodat het bovenlichaam iets meer bij het linkerbeen komt.

En op elke uitademing wordt de rug zachter.

En laat het lichaam tot rust komen in deze houding.

Terwijl je in en uitademt.

Strek de armen weer naar voren.

En omhoog richting het plafond.

En op een uitademing breng je de armen weer naar beneden langs het lichaam.

We wisselen nu van been.

Strek nu het rechterbeen voor je uit.

En plaats het linkervoet aan de binnenkant van het dijbeen.

En op een inademing strek je de armen richting het plafond.

De duimen in elkaar gehakt.

En adem door terwijl je de armen omhoog houdt.

En vervolgens breng je op een uitademing het bovenlichaam vanuit de onderrug naar voren.

En strek de armen naar de voeten.

Laat de armen zakken.

En pak het rechterbeen.

Of de voet.

En op elke uitademing laat je een beetje meer gaan.

En voel de beweging.

En de stretch.

En laat de spieren zachter worden.

Adem.

En laat het lichaam tot rust komen in deze houding.

Terwijl je in en uitademt.

En op een inademing strek je de armen weer naar de tenen.

En beweeg je het bovenlichaam en de armen weer omhoog.

Tot je gestrekt rechtop zit.

Strek de armen nog een keer uit naar het plafond.

En adem.

Laat de armen zakken.

En als je het prettig vindt kun je de benen even uitschudden.

Je kunt jezelf daarbij ondersteunen door je handen achter je op de grond te plaatsen.

Schudden.

En weer tot rust laten komen.

En je bewust zijn van het effect van deze oefening.

We gaan nu met aandacht op de rug liggen.

Met de voeten plat op de grond.

En de knieën wijzen naar het plafond.

De armen zijn langs het lichaam.

De handpalmen naar boven gericht.

Alles is in rust.

Omdat je net een oefening gedaan hebt waarbij je vooroverboog kan het prettig voor de rug zijn om nu de andere kant op te buigen.

Ik wil je dan ook uitnodigen om de halve brug te doen.

Als dat goed voor je voelt.

Plaats je voeten dicht bij je billen.

En laat je armen langs het lichaam liggen De handpalmen naar beneden gericht.

Beweeg dan het bekken en de rug langzaam omhoog.

Met aandacht richting het plafond.

Laat de rug omhoog komen zover als dat voor jou mogelijk is.

Je rust nu met het bovenlichaam op de nek,

De schouders en het achterhoofd.

En voel hoe de adem in en uit het lichaam stroomt.

En ontspan de armen.

Die hoeven niets te doen.

En laat de rug vanaf de schouders wervel voor wervel weer op de grond zakken.

Terwijl je uitademt en wees erbij met aandacht.

En wanneer je weer op de grond ligt werk dan het gevoel van zachtheid en van rust.

Strek de benen uit.

Rot je helemaal lang uit op de ruglicht.

Liggen.

Uitgestrekt op de vloer.

Helemaal in rust.

De benen lang uit.

De armen naast het lichaam.

De handpalm omhoog als dat goed voor je voelt.

Gewaar van het lichaam zoals het hier ligt.

Gewaar van de adem die in en uit het lichaam stroomt.

Van het hele lichaam in stilte.

En gewaar van gedachten die komen en gaan.

Geluiden of sensaties die je in het lichaam voelt.

Op deze grond.

In deze ruimte.

Op dit moment.

En nu de oefeningen bijna afgelopen zijn sta erbij stil wat het voor jou betekent om deze oefeningen te doen.

Op deze manier voed je jezelf met helende aandacht en energie.

En door ze regelmatig te doen verbeter je je gezondheid en je welzijn.

Maak kennis met je leraar

4.7 (25)

Recente Beoordelingen

Marie-Christine

September 8, 2025

Wel jammer van de grond oefening. Ik had geen mat klaargelegd en het duurt ook lang eer ik op de grond geraak. Maar voor de rest heel ontspannend.

Mariella

April 17, 2025

Heel fijne en duidelijke oefening, die me weer in balans en naar meer zachtheid voor mezelf brengt. Eenvoudig thuis of waar je ook bent te doen. Dankjewel Renée 🙏

Barunka

June 26, 2022

Fantastische oefeningen, duidelijk uitgelegd en met een aangename stem. Ik heb deze reeks al meermaals uitgevoerd en vowl me nadien telkens energieker. Een échte aanrader 👌🙏🥰

Iris

May 7, 2020

fijne yoga les!

© 2026 Renee Piket. All rights reserved. All copyright in this work remains with the original creator. No part of this material may be reproduced, distributed, or transmitted in any form or by any means, without the prior written permission of the copyright owner.

Trusted by 35 million people. It's free.

Insight Timer

Get the app

How can we help?

Sleep better
Reduce stress or anxiety
Meditation
Spirituality
Something else