23:27

Rust in je hoofd #6 - Landen in de natuur

by Insight Timer Earth

rating.1a6a70b7
Beoordeeld
4.3
Group
Activiteit
Meditatie
Geschikt voor
Iedereen
Afgespeeld
1.6k

Insight Timer docent Wilfried van Craen neemt je mee in een sensorische relaxatie gecombineerd met de suggesties van enkele natuurlievende schrijvers. Hun woorden zijn de landingsbanen in de tuinen, bossen, bomen en wolken die ons omgeven en waar het goed vertoeven is om het hoofd tot rust te laten komen.

Transcript

Welkom op deze aflevering van Rust in je Hoofd.

Ik zou u willen uitnodigen om dat armhoofd even tot rust te laten komen door de knop om te draaien en op te gaan in een natuurlijke beleving,

Een flowervaring van de natuur,

Waardoor denk- en piekerprocessen naar de achtergrond verschuiven en het hoofd tot rust kan komen.

We doen dat op twee manieren,

Een lichamelijke en een mentale.

De eerste wordt ontlokt door relaxatietechnieken of meditatie.

De tweede gebeurt door te luisteren naar en vooral op te gaan in een verhaal.

We beginnen dit keer met een sensorische relaxatie en vervolgens met de suggesties van enkele natuurminnende schrijvers.

Hun woorden zijn de landingsbanen in de tuinen,

Bossen,

Bomen en wolken die ons omgeven en waar het goed voor toeven is om het hoofd tot rust te laten komen.

Maak het je makkelijk en sluit je mooie ogen.

Adem een paar keer diep in en langzaam weer uit.

En ga eens na of je je aangenaam zwaar kunt voelen.

Of je je bewust kunt zijn van je handen en je armen.

Of je voelen kunt dat een van je armen nog wat minder ontspannen is dan de ander.

En of je voelen kunt dat een van je benen al wat meer ontspannen is dan de ander.

En of je je de afstand voor kunt stellen van het topje van je hoofd tot het puntje van je kin.

Of je je voor kunt stellen dat je naar iets in de verte staart.

Of je nog wat spanning kunt voelen verdwijnen terwijl je uitademt.

Of je je bewust kunt zijn van de ruimte binnen in je mond.

Of je een warme sensatie kunt voelen ergens in je lichaam.

Of je gewoon terug kunt schakelen in een langzame versnelling naar een diepere niveau van rust en gemak.

Waar niets je hoeft te hinderen en niets je hoeft te storen terwijl je luistert naar verhalen over de natuur.

Landen in de natuur.

Ik herinner mij een uitspraak van Bertrand Russell.

En die man zei,

Ik heb een rare ontdekking gedaan.

Iedere keer als ik met een geleerd iemand praat,

Dan ben ik bijna overtuigd dat het echt wel moeilijk is om gelukkig te zijn in het leven.

Maar als ik gewoon praat met mijn tuinier,

Dan ben ik overtuigd van het tegendeel.

Wat ik zelf heb ervaren,

Is dat een van de leukste manieren om je dag te beginnen,

Dat is gewoon even in je tuin lopen als je die hebt.

Of een park in jouw buurt.

En je ogen,

Oren en mogelijks ook je vingers de kost te geven en nieuwsgierig te zijn naar wat er vandaag weer nieuw is.

Naar wat er veranderd is ten opzichte van gisteren.

Vooral de bloei is er nu niet gebeuren.

En die kan je haast ook het hele jaar meemaken.

Want er is altijd wel een plant die bloeit als een ander verwerkt.

Je zou haast voor elke bloem je hoed afnemen als je bedenkt dat die plant heel zijn leven uiterspaarzaam met zijn energie is omgegaan.

Om die nu als in een zotte bui met alle kracht te investeren in de bouw van een architectonisch meesterwerk.

Een bloem.

De tuin is,

Tenminste naar mijn ervaring,

Een ideale plek om alle eigenschappen van mindfulness te ontplooien.

Geduld.

Leren uit de ervaring.

De moeilijkheden niet uit de weg gaan.

Zijn tuiglijke aandacht geven.

Meeltijd ontwikkelen.

Het verzet opgeven.

Interzijn ervaren.

En aanvaarding cultiveren.

Zelf beleef ik mijn tuin op twee niveaus.

Een actief en een passief.

Ik geniet er immers van om er in te werken.

Dat is dan de actieve beleving.

Spitten.

De grond voorbereiden.

Planten snoeien.

Wieden verplanten.

Bomen vellen.

Stammen kleven.

En tijdens dit soort activiteiten valt de mallenmolen in het hoofd gegarandeerd stil.

Je wordt,

Als het ware,

Die handelingen zelf.

Je valt ermee samen.

Je hebt immers tijdens al die activiteiten je gerichte aandacht echt wel nodig.

Het is overigens ook altijd een plezier om zo intens op te kunnen gaan in die beleving.

Uren glijden voorbij zonder dat je maar een minuut aan het malen of piekeren bent geweest.

Maar het heeft ook zijn nare kantje.

Je gaat soms over de vooral lichamelijke grenzen.

Vroeger was ik altijd aan het werk in de tuin met spierverrekkingen en blokkades als gevolg.

Dat is absoluut niet mindfull.

Geleidelijk aan heb ik geleerd om af en toe te gaan zitten en niet doen.

De passieve beleving.

Ergens rustig gaan zitten en de ontvankelijkheid toelaten voor de visuele prikkels,

De geluiden,

De geuren.

Het is een passieve beleving van rust en ontspanning.

Die ik blijkbaar mag delen met de schrijfster Ethel Portnoy.

Zij zei,

Meestal zit ik op de veranda en doe niets.

Ik kijk gewoon.

Ik kijk hoe het gras groeit.

Af en toe valt er een blad of huppelt er een vogeltje rond.

Dit zijn grote gebeurtenissen.

Ik hou van de gezegende stilte van de tuin.

Door daar Portnoy.

En zoals men vaak zegt dat het baasje op de hond lijkt,

Zo zal wellicht ook de tuin veel verklappen over de eigenaar.

En dat is bij mij zeker zo,

Maar weerom ook bij Portnoy.

Je kunt uit mijn tuin veel te weten komen over hoe ik de dingen graag zou willen zien,

Zegt ze.

Ik vind het prachtig als dingen iets non-galants hebben.

Of het kleding,

Eten,

Inrichting of tuinen betreft.

Het moet er niet uitzien alsof er voor gezoegd is.

Het moet lijken alsof het zonder moeite zo is geworden.

Met slechts een tikje aandacht aan het einde.

Een laatste persoonlijke nood.

Italianen hebben daar zelfs een woord voor.

Sprezzatura.

Achterloosheid.

Een soort geïmproviseerde chic.

Daarom laat ik mijn tuin meestal aan zijn lot over.

Ik gebruik nooit onkruidverdelkers of pesticiden.

Eens in de zoveel tijd koop ik een plant of een struik,

Ik steek dan de aarde in.

En dan is het wat mij betreft zwemmen of verzuipen.

Blijven ze leven,

Fijn.

Gaan ze dood,

Dan is het ook goed.

Veel soorten onkruid zijn uit zichzelf naar me toegekomen en ik geef ze welkom.

Als iemand er wat van zegt,

Dan antwoord ik dat ik een multiculturele samenleving nastrijf.

Daar hebben ze zelden van terug.

Ethel Portnoy.

Ik herken veel van haar.

En ja,

Het is waar,

Niet iedereen heeft een tuin.

Maar de meesten onder ons kunnen wel terecht in een park,

Een bos,

Een natuurgebied.

In bossen kan je bijvoorbeeld ontmoetingen met bomen hebben.

Tenminste,

Als je daar de ontvankelijkheid voor toegaat.

Weinigen schreven zo mooi over bomen als Herman Hesse,

Die overleed in 1962.

Uit Van der Roem,

Zijn verzameling notities uit 1920,

Volgend fragmentje.

Bomen zijn de meest indringende predikers.

Ik verreer ze wanneer ze als volk en familie leven en nog meer verreer ik ze wanneer ze alleen staan.

Ze lijken op eenzame mensen.

Niet op kluizenaars die om een of andere tekortkoming zijn weggeslopen.

In hun toppen ritselt de wereld.

Hun wortels rusten in het oneindige,

Maar ze verliezen zich daar niet.

Ze streven met hal hun levenskracht slechts naar één ding.

Ze willen hun eigen in hen wonende wet vervullen.

Hun eigen gestalte opbouwen,

Zichzelf uitbeelden.

Wanneer een boom wordt omgehakt en zijn naakte doodswond aan de zon onthult,

Kan men zijn hele geschiedenis lezen in de lichtgevende,

Gegraveerde schijf van zijn stam.

In hun jaringen en vergroeingen staan alle strijd,

Alle leed,

Alle ziekte,

Alle geluk en groei.

Er staat allemaal trouw genoteerd,

Mager jaren en jaren van overvloed,

Door stalen aanval,

Getrotseerde stormen.

Elke jonge boerjongen weet dat het hardste en edelste hout de smalste ring heeft,

Dat hoog in de bergen en in voortdurend gevaar de meest onverwoestbare,

De sterkste,

De ideale bomen groeien.

Bomen zijn heiligdommen.

Wie er in slaagt naar hen te luisteren,

Krijgt de waarheid te horen.

Ze prediken geen leerstellingen en voorschriften.

Ze prediken zonder zich om het individuele te bekommeren.

Ze prediken de oerwet van het leven.

Bomen ritselen thuis als we ongemakkelijk voor onze gedachten staan.

Bomen hebben lange gedachten.

Langademend en rustgevend.

Net zoals ze een langer leven hebben dan het onze,

Ze zijn wijzer dan wij.

Als wij treurig zijn en het leven moeilijk kunnen verdragen,

Als we een verlangen hebben om te gaan dolen,

Dan zegt een boom,

Kijk naar mij.

Je thuis is niet hier of daar,

Je thuis is in jezelf.

Wanneer we geleerd hebben naar bomen te luisteren,

Dan krijgt juist het kortstondige en snelle,

De kinderlijke haast van onze gedachten,

Een ongeëvenaardige blijmoedigheid.

Wie geleerd heeft naar bomen te luisteren,

Wil niets anders zijn dan wat hij is.

Hij wil ook geen boom zijn,

Hij wil zijn wat hij is.

Dat is thuis zijn,

Dat is gelukkig zijn.

Tot zover Hesse in de vanderoom.

De natuur verruimt onze kijk op de dingen.

Hij leert ons om de gewoontebril af te zetten en anders te kijken.

Naar de mensen,

De dingen,

Het leven.

En hoe ongetemberde de natuur,

Hoe dieper en verrijkender de lessen.

Een fragmentje uit Clarissa Pinkola Estes,

De ontemberde vrouw.

Het is ons vluchtige contact met de wilde natuur,

Dat ons ertoe brengt onze gesprekken niet te beperken tot mensen.

Onze schitterendste bewegingen niet tot dansvloeren.

Onze oren niet alleen tot muziek van door mensen vervaardigde instrumenten.

Of onze ogen tot aangeleerde schoonheid.

Onze lichamen tot goedgekeurde sensaties.

Of onze geest tot die dingen waarover we het allemaal eens zijn.

Verhalen schenken ons het mes van inzicht.

De vlam van hartstochtelijk leven.

De adem om te uiten wat we weten.

De moed om te verdragen wat we zien zonder onze blik af te wenden.

De zoete geurigheid van de witte,

Wilde ziel.

Verhalen van de natuur.

En zelfs voor hen die niet naar buiten kunnen.

Zelfs voor die mensen is er altijd wel de natuur als je naar buiten kan kijken.

Als je met je blik naar omhoog kunt gaan.

En naar de wolken kijken.

Wolken zijn ook een stukje natuur.

Dat we vaak vergeten te appreciëren.

Ook daarin was Herman Hesse een fijne geest.

Ik citeer hem even.

De bergen,

Het meer,

De storm en de zon waren mijn vrienden.

Vertelden me verhalen en voeden me op.

En waren me lange tijd liever en vertrouwder dan mensen en menselijke lotgevallen.

Maar mijn favorieten,

Die ik boven het glinsterende meer en de treurige dennen en de zonnige rotsen stelde,

Waren de wolken.

Wijs mij in heel de wereld een man aan die de wolken beter kent en meer van ze houdt dan ik.

Of wijs mij in de wereld iets dat mooier is dan wolken.

Wolken,

Ze zijn een spel,

Een troost voor het oog.

Ze zijn een zegen en godsgeschenk,

Toren en doodsmacht.

Ze zijn teder,

Zacht en vredig als de ziel van een pasgeborene.

Ze zijn mooi,

Rijk en gul als goede engelen.

Ze zijn donker,

Onontkombaar en medogeloos als de afgezantendes doods.

Ze zweven zilverig in dunne lagen.

Ze zeilen lachend wit en goudgerand langs de hemel.

Ze staan te rusten in gele,

Rode en blauwige kleuren.

Ze sluipen duister en langzaam als moordenaars.

Ze jagen zuizend,

Hals over kop als razende ruiters.

Ze hangen treurig en dromerig in fletse hoogten als waarmoedige kluizenaars.

Ze zijn gevormd als zalige eilanden of als zegenende engelen.

Ze lijken op dreigende handen,

Wapperende zeilen,

Trekkende kraanvogels.

Ze zweven tussen godshemel en de arme aarde in als wullige vormde gelijkenissen van al het menselijk verlangen en behoren beiden toe,

Dromen van de aarde waarin deze haar bevlekte ziel aan de zuivere hemel vlijt.

Ze zijn het eeuwige zinnenbeeld van al het zwerven,

Al het zoeken,

Verlangen en alle heimwee.

En zoals zij tussen aarde en hemel hangen,

Bang en verlangend en eigenzinnig,

Zo zweven de zielen der mensen bang en verlangend en eigenzinnig tussen tijd en eeuwigheid.

O,

De wolken,

De mooie zwevende rusteloze wolken.

Ik was een onwetend kind en hield van ze,

Keek naar ze en wist niet dat ook ik als een wolk door het leven zou gaan,

Doelend,

Overalvreemd,

Zwevend tussen tijd en eeuwigheid.

Van mijn kinderjaar af zijn zij geliefde vriendinnen en zusters van mij geweest.

Ik kan niet over straat lopen of ik niet in elkaar toe,

Groot in elkaar en blijvende moment,

Oog in oog staan.

Tot zover Herman Hesse.

Maar of het nu gaat over de tuin,

De bomen in het bos,

Of de wolken aan de hemel,

Alles hangt af van de blik waarmee je hier naar kijkt.

Bijvoorbeeld de prestatiegerechte blik,

Op de staptocht,

Kijkend naar de stappenteller,

Bij het lopen,

Je hartritme meten op de phone,

Op de koersfiets met de kop naar beneden,

En je ziet alleen maar asfalt,

En op de mountainbike ben je gefixeerd op de uitsteekers op het grillige parcours en je ziet niks om je heen.

Of de naar binnen gekeerde blik,

Luisterend naar muziek of podcast,

Blind voor de wonderen die zich om je heen voltrekken.

Ook Hesse heeft het over die blinde blikken.

Hij schrijft,

Onzuiver en misvormd is de blik vanuit het willen.

Eerst als wij niets begeren,

Eerst als ons kijken zuivere beschouwing wordt,

Opent zich de ziel van de dingen,

De schoonheid.

Wanneer ik een bos bekijk,

Dat ik kopen kan,

Pachten,

Omhakken,

Jagen,

Dan zie ik niet het bos,

Maar alleen alles wat met mijn willen,

Met mijn plannen en zorgen,

Met mijn portemonnee te maken heeft.

Dan bestaat het uit hout,

Het is jong of oud,

Gezond of ziek.

Wanneer ik er echt niets van wil,

En maar gedachteloos diep in het groen staar,

Dan pas is het bos,

Dan pas is het natuur en gewas,

Dan pas is het mooi.

Zo is het met de mensen en hun gezichten ook.

De mens die ik met vrees,

Met hoop,

Met begeerde,

Met bedoelingen,

Met eisen aankijk,

Is niet een mens.

Hij is niet meer dan een trubbele weerspiegeling van wat ik wil.

Wetend of onbewust,

Zie ik hem aan met vragen die louter vernauwen en vervalsen.

Is hij toegankelijk of trots?

Heeft hij achting voor mij?

Kan men iets van hem loskrijgen?

Met duizend dergelijke vragen kijken wij de meeste mensen aan,

Met wie wij te maken hebben.

En wij gaan door voor mensenkenners en psychologen,

Als het ons lukt in hun verschijning,

In hun voorkomen en gedrag,

Dat op te merken wat onze bedoelingen dient of weerstreeft.

Maar deze houding is armzalig.

En in dit soort zielkunde is de boer,

De venter,

De oplichter,

Ervarender dan de meeste politici of geleerden.

Op het ogenblik dat het willen tot rust komt,

Dat willen,

Dat streven,

En eindelijk de beschouwing,

Het zuivere en toegewijde zien opstijgt,

Wordt alles anders.

Een mens houdt op nuttig of gevaarlijk te zijn,

Geïnteresseerd of verveeld,

Vriendelijk of lomsterk of zwak.

Hij wordt weer natuur.

Hij wordt mooi en opmerkelijk,

Evenals ieder ding waarop de zuivere beschouwing zich richt.

Want beschouwing is immers niet onderzoek of kritiek.

Zij is niets dan liefde.

Zij is de hoogste en de meeste wensend toestand van onze ziel.

Liefde zonder begeerde.

4.3 (47)

Recente Beoordelingen

Winnie

April 9, 2023

Rustgevend en poëtisch

Selien

April 21, 2021

Prachtige podcast, heeft me veel rust en inzichten gegeven!

Anna

August 17, 2020

Ik vond het erg prettig om naar u te luisteren. Ook de extra uitleg, het waarom, vond ik leerzaam. Dank u wel!

© 2026 Insight Timer Earth. All rights reserved. All copyright in this work remains with the original creator. No part of this material may be reproduced, distributed, or transmitted in any form or by any means, without the prior written permission of the copyright owner.

Trusted by 35 million people. It's free.

Insight Timer

Get the app

How can we help?

Sleep better
Reduce stress or anxiety
Meditation
Spirituality
Something else