
Yoga Nidra - Afdalen naar stilte en slaap
by Sanne
Tijdens deze Yoga Nidra word je stap voor stap begeleid naar een zeer diepe ontspanning, zodat je uiteindelijk in slaap kunt vallen. Ik zal je aan het einde dan ook niet terughalen uit de Nidra. Je mag gewoon blijven liggen en verder slapen. De Nidra begint met een rotatie van het bewustzijn door het lichaam en aandacht voor de adem. Daarna neem ik je mee in een visualisatie van de zee, waarin je steeds dieper afdaalt, langs kleurrijke vissen en lichtgevende kwallen, tot je de bodem van de zee bereikt. Vanaf daar wordt de begeleiding steeds rustiger en zak je verder weg in stilte en slaap. Je hoeft niets te doen of te onthouden. Luister alleen naar mijn stem en laat je steeds verder ontspannen. Voor deze Yoga Nidra kun je bijvoorbeeld één van de volgende sankalpa's kiezen: Ik geef me over aan de stilte/ontspanning/slaap. Ik laat los en ontspan. Ik sta mijzelf toe om te rusten/ontspannen.
Transcript
Welkom bij deze slaap yoga nidra.
Ik neem je mee naar de bodem van de zee,
Waar het stil is,
Waar het rustig is.
Zodat jij in slaap kan vallen.
Ga comfortabel liggen.
En neem de tijd om je lichaam goed neer te leggen.
Voel de ondergrond onder je.
Je hoeft niks meer te doen.
De dag is voorbij.
En alles wat vandaag jouw aandacht heeft gevraagd,
Mag nu rusten.
Er hoeft niks meer afgemaakt te worden.
Niets meer opgelost te worden.
Het is tijd voor rust.
In haar stijl.
Als je ogen nog geopend zijn,
Sluit dan nu je ogen.
En merk op dat jouw lichaam hier al is,
Hier al ligt,
Op bed,
Op de bank.
De aarde die draagt jou.
Je hoeft jezelf niet te dragen,
Dus.
.
.
Dus laat je lichaam maar een tikkeltje meer ontspannen.
En een zucht kan je daarbij helpen.
Dus je ademt diep in.
En met een zucht laat je je lichaam nog wat zwaarder en zachter worden.
Voel nu het gewicht van jouw lichaam.
Het gewicht van je hoofd.
Van je schouders.
Hier ook.
Bekken.
Je been aan.
Heel voetal.
En laat het gewicht van je lichaam nog zwaarder worden.
Nog twee keer zo zwaar.
Je hoeft nergens naartoe.
Je hoeft alleen maar te luisteren.
Misschien vallen sommige woorden vanzelf weg.
En dat is helemaal goed.
Je hoeft niets te onthouden.
We gaan over naar de sankalpa,
De intentie.
In korte,
Eenvoudige zin.
Bijvoorbeeld,
Ik geef me over aan de stilte.
Ik geef mij over aan de rust.
Ik sta mijzelf toe om te ontspannen,
Om te rusten.
Om te slapen.
Herhaal jouw Sankopa drie keer en met gevoel.
Zodat het energie krijgt.
Dat het krachtig wordt.
En laat de woorden nu los.
We beginnen met een rotatie van het bewustzijn door het fysieke lichaam.
Je hoeft niets te bewegen.
Alleen maar je aandacht te volgen naar de lichaamsdelen die ik opnoem.
Luister naar de lichaamsdelen en breng daar jouw bewustzijn naartoe.
Word jij bewust van jouw rechter duim.
Rechter duim.
Je wijsvinger.
Middelvinger.
Ringvinger.
PINK!
Handbalm,
Rug van de hand,
Pols,
Onderarm,
Elleboog,
Bovenarm,
Schouder,
Oksel,
De rechterzijde van jouw borstkas,
Rechterzijde van je buik.
Je rechterheup.
Rechter bovenbeen.
Ik niet.
Rechteronderbeen.
ENKEL Heel.
Woed zo.
Woedvreef Je grote teen.
Tweede teen.
Deur de tijn.
Veer de tijd.
En de kleine tenen.
Word jij bewust van jouw gehele rechterzijde van het lichaam.
En dan gaan we naar de linkerduim.
Linkerduim.
Wijsvinger,
Middelvinger.
RINGWINGER PINK!
Handbaum,
Rug van de hand.
Pols,
Onderarm,
Elleboog,
Bovenarm,
Schouder,
Oksel,
Linkerzijde van je borstkos linkerzijde van je buik.
Je linkerhoofd.
Linkerbovenbein.
Je knie.
Linker onderbeen.
ENKEL Heel.
Voedsel Woed wreef.
Grote teen.
Tweede teen.
Deur de tijn.
Vierdeteen in Kleineteen.
Word je bewust van jouw hele linkerzijde van het lichaam.
We gaan naar de achterkant van het lichaam.
Word je bewust van de achterkant van je hoofd.
Je rechter schouder.
Linkershouder.
De achterkant van jouw rechterarm.
En de achterkant van jouw linkerarm.
Via je rechterhand.
En je linkerhonds.
Rechter schouderblad linkerschouderblad,
Je middenrug,
Onder de rug.
Je bekken.
Je rechterbil.
Je linkerbeel.
Achterkant van jouw rechterbeen.
De achterkant van jouw linkerbeen.
Je rechterhiel.
Je linkerheel.
Voel de achterkant van jouw hele lichaam.
Zwaar in gedragen.
We gaan naar de voorkant van het lichaam.
Je voorhoofd.
Je rechter wenkbrauw.
Linkerwengbrauw Rechter oog,
Linker oog.
Je rechterwang.
Link ervan.
Je rechteroor.
Blinker oor.
Je neus,
Je rechterneusvleugel.
Je linkerneusvleugel.
Je bovenlip.
Onder je lip.
Kim.
Dank u.
De voorkant van je rechter schouder.
De voorkant van jouw linkerschouder.
Voorkant van jouw richterarm.
En hou die linkerarm.
Je rechterhand.
Je linkerhand.
Rechter borst linker borst bekken.
De voorkant van jouw rechterbeen.
Voorkant van jouw linkerbeen.
Voorkant van jouw rechtervoet.
En jouw linkervoet.
Voel de voorkant van jouw lichaam.
En voel dan jouw gehele lichaam.
Je hele lichaam ligt stil.
Je hele lichaam wordt gedragen.
Je hele lichaam mag ontspannen.
Breng nu je aandacht naar je adem.
In verander niets.
Laat de adem maar komen en gaan.
Zoals die vanzelf komt en gaat.
Voel de beweging van jouw adem.
Bij iedere inhaling.
Stroomt de adem naar binnen.
En bij iedere uitademing stroomt de adem naar buiten.
Voel de adem in je buik.
De buik komt iets omhoog.
En zakt weer terug.
Omhoog en omlaag.
Alsof de adem een zachte golf is.
De golf komt en trekt weer terug.
Je hoeft niets te doen.
Mijn adem beweegt vanzelf en jij observeert.
Jij volgt met jouw aandacht.
De adem wordt vanzelf rustiger.
Niet omdat je het langer maakt.
Maar omdat het lichaam meer en meer ontspant.
Adem in.
En uit.
De adem beweegt.
En jij blijft stil.
En laat nu de ademhaling los.
Terwijl je nu zo ligt.
Kan je je voorstellen dat je aan de rand van een stille zee bent?
Je ligt op warm zand.
De zee voor je,
Eindeloos.
De horizon ver weg.
Je hoort het zachte ritme van de golven.
Een golf rolt het strand op en trekt zich weer terug.
Een andere golf rolt het strand op.
En trek het zweefje weer terug.
Je staat nu op en loopt langzaam naar het water.
Het zand onder jouw voeten.
Het water rond jouw inkoms.
Je loopt dieper het water in.
Het water komt nu tot je knieën.
Nog iets verder.
Water komt tot je heupen.
Hierbuiten.
Heer Borst.
Je hoeft nu niet verder te lopen,
Ja.
Je kunt je laten dragen.
Laat jouw lichaam langzaam achterover zakken in het water.
Het water vangt jou op.
Je wordt gedragen.
Volledig gedragen.
En je dijnt mee.
Met de golven van de zee.
Heel langzaam zak je onder het wateroppervlak.
Je laat jezelf afdalen.
De wereld boven je wordt stiller.
Het geluid wordt zachter.
Gedempt.
Het licht wordt zachter.
Heel zacht,
Langzaam.
Blijf dieper.
Het water om je heen is blauw,
Helder.
Stil.
Hier is ook nog wat verder,
In de verder.
Het licht boven je wordt kleiner,
Wordt vager.
En terwijl je zakt,
Verschijnt er een school vissen,
Kleurrijk.
Goud,
Zilver,
Blauw,
Groen.
Oranje.
Ze bewegen rustig door het water,
Samen,
Zonder haast.
De vissen zwemmen naar links.
Narratiefs Ze zullen maar om jou heen.
Het is alsof ze een gezamenlijke dans voor jou uitvoeren.
Als één geheel zwemmen ze.
Je voelt je kalm.
Je voelt je veilig.
Je voelt je rustig.
En de vieze zwemmen dan verder,
De kleuren verdwijnen langzaam en jij zakt dieper.
Het woord donkerder.
En dan verschijnt er licht in het donkerblauw.
Een klein lichaam.
Nog één.
En nog één.
Lichtgevende kwallen zweven door het water.
Zocht.
Langzaam.
Als of ze slapen.
Hun licht pulseert aan,
Uit,
Aan,
Uit.
In verschillende kleuren.
Een zachte roze.
Oranje.
Blauw.
Ze zweven.
Dichter en dichterbij.
Je wordt omringd met lichtgevende kwallen.
Laat de kwallen maar voorbij drijven.
Je hoeft niets te doen.
En dan verdwijnen ook zij langzaam uit het zicht.
Je zakt nog dieper.
Steeds donkerder.
Stayed stiller.
Tot je voelt dat er onder jou iets is,
De bodem,
Zacht zand.
Je lichaam komt langzaam neer en daar blijf je liggen,
Op de bodem van de zee.
Je voelt het zonsonderjouw.
Je voelt hoe je volledig wordt gedragen.
En boven jou beweegt het water.
Zie het licht.
Maar hier in Renede is het stil.
Geen vissen,
Geen kwallen,
Geen beweging.
Alleen dieper stilte.
Je mag alles laten rusten.
Voel je lichaam.
Zwaar.
Barm.
Stil.
Voor je adem.
Gerust van zeer.
Je hoeft je lichaam nu niet meer bewust te voelen.
Je mag het loslaten.
Je hoeft de adem niet meer te volgen.
De adem weet wat hij moet doen.
Je hoeft mijn woorden niet meer te volgen.
Als je mijn volkende woorden niet meer hoort,
Dan is dat helemaal goed.
De slaap mag komen.
Je hoeft niet te proberen te slapen,
Je hoeft niets te doen.
De slaap komt vanzelf,
Zoals de golven vanzelf komen en weer verdwijnen.
Steeds dieper,
Zak je in de rust.
Je bent op de bodem van de zee,
Je wordt gedragen.
Het is stil en veilig.
En misschien komt jouw Sankalpa nog één keer zacht voorbij.
E.
Geef me over.
En stilte.
En de rust.
Je mag loslaten.
Hier mag je rusten.
Je mag slapen.
Dieper.
Zachter.
Te leren.
Rust.
Maak kennis met je leraar
