
Een ontmoeting met je innerlijke kind (vrouw)
Keer terug bij wie je in essentie bent , je innerlijke kind , de kleine jij. Besef jezelf dat je niet altijd meer hoeft te worden , misschien mag het zelfs een beetje minder en mag je terugkeren bij wie je altijd al was en mag je weer gaan luisteren naar waar je hart werkelijk naar verlangt.
Transcript
Welkom bij deze meditatie van Hema.
Een ontmoeting met je enelijke kind.
Neem een comfortabele houding aan en zorg dat je de komende minuten niet gestoord wordt,
Want dit moment is van jou.
Helemaal van jou.
Ga lekker zitten of liggen,
Net wat voor jou prettig voelt.
En wanneer het goed voelt,
Sluit dan langzaam je ogen.
Adem eens rustig in.
En adem langzaam weer uit.
En nog een keer,
Rustig in.
En langzaam weer uit.
Je hoeft nu nergens naartoe en de dag mag even achter je blijven.
Alles wat er vandaag is gebeurd,
Alles wat je hebt gedaan,
Alles wat je nog had willen doen,
De gesprekken,
De gedachten,
De zorgen,
De verwachtingen,
Je mag ze voor dit moment allemaal loslaten.
Je hoeft niets meer te regelen,
Niets meer op te lossen,
Niets meer te bereiken.
Er hoeft nu helemaal niets.
Voel dan maar eens hoe je lichaam gedragen wordt door de stoel,
Door de grond of door je bed.
Je hoeft jezelf even niet te dragen.
Laat het gewicht maar wat zakken.
En breng je aandacht naar je lichaam.
Voel je voeten,
Je benen,
Je bekken,
Je buik,
Je borst.
Je schouders,
Je armen.
Je handen,
Je nek en je gezicht.
En merk rustig op waar je spanning voelt.
Je hoeft niets te veranderen.
Je hoeft de spanning niet weg te krijgen.
Je hoeft daar alleen maar op te merken.
En met iedere uitademing mag er iets zachter worden.
En misschien kun je tegen jezelf zeggen,
De dag is voorbij,
Ik laat los wat ik niet meer hoef te dragen en ik kom terug naar mezelf.
En richt je dan eens op je ademhaling.
Nu hoeft je je adem niet te sturen,
Alleen maar te voelen dat je ademt.
In en uit.
En uit En iedere keer dat je uitademt,
Zak je iets dieper in het hier en nu.
Hier,
Op dit moment,
Waar niets hoeft.
Waar je niets hoeft te bewijzen,
Waar je niemand hoeft te zijn.
Je mag gewoon zijn.
En stel je nu voor dat je ergens buiten bent.
Je staat aan de rand van een bos.
Een bos waar jij je prettig voelt.
Een plek waar jij je veilig voelt.
En een plek die helemaal van jou mag zijn.
En kijk dan eens rustig om je heen.
Hoe ziet jouw bos eruit?
Welke bomen zie je?
En welke kleuren.
Is het lente?
Zomer.
Herfst of misschien wel winter.
En voel dan de temperatuur op je huid precies goed.
Misschien is het warm en zacht.
Misschien fris en helder.
Een temperatuur die voor jou prettig voelt.
Ruik dan de geur van het bos.
Misschien ruik je aarde,
Mos,
Bomen,
Bloemen of de frisse lucht.
En als je dan eens goed luistert,
Misschien hoor je vogels,
Of het ruizen van de bladeren,
De wind door de bomen,
Misschien hoor je ergens water.
Je hoeft nu nergens heen.
Je loopt rustig het bos in,
Stap voor stap,
En voel bij iedere stap de grond onder je voeten.
En terwijl je verder loopt,
Laat je de drukte van de buitenwereld steeds verder achter je.
Je hoeft nu helemaal niets.
Je hoeft nergens op te reageren.
Je hoeft niemand iets te geven.
Hier mag je ontvangen.
Hier mag je ademen.
Hier mag je thuiskomen bij jezelf.
Je loopt een stukje verder,
Tot je een mooie open plek in het bos ontdekt.
Een plek waar het licht zacht tussen de bomen doorvalt.
En misschien staat er gras,
Misschien bloemen,
Misschien een grote boom.
Voel maar eens wat deze plek met je doet.
En dan zie je daar iemand.
Een klein meisje.
Kijk rustig naar haar.
Misschien weet je meteen wie ze is.
Misschien herken je haar wel.
En misschien weet je hoe oud ze is.
Dit kleine meisje is een jonge versie van jou,
Je innerlijke kind,
Een stukje van jou dat er altijd is geweest.
En kijk eens naar haar.
Hoe zit ze daar?
Hoe kijkt ze?
En wat doet ze?
Misschien speelt ze.
Misschien zit ze stil.
Misschien kijkt ze naar de grond.
Of misschien kijkt ze naar jou.
En neem dan eens de tijd om haar écht te zien.
Niet zoals je denkt dat ze zou moeten zijn,
Maar zoals ze nu voor je verschijnt.
En probeer dan eens contact met haar te maken.
Je hoeft niet meteen naar haar toe.
Je kunt eerst gewoon aanwezig zijn.
Kijk naar haar.
Voel haar.
En vraag jezelf dan eens,
Hoe voelt dit kleine meisje zich?
Misschien voelt hij zich blij.
Vrij,
Nieuwsgierig en speels,
Maar misschien voelde ze zich ook verdrietig,
Alleen,
Bang,
Boos,
Onbegrepen en onzeker.
En laat alles wat zich aandient er zijn,
Want je hoeft niets te veranderen.
Je hoeft haar gevoel niet weg te nemen.
Je hoeft haar alleen maar te ontmoeten.
Misschien merk je dat ze iets nodig heeft van jou.
Vraag haar dan zachtjes,
Wat heb jij nu nodig van mij?
Wacht rustig,
Misschien komt er een antwoord,
Misschien een beeld,
Een gevoel.
En herinnering.
Misschien weet je het gewoon.
Misschien weet je het helemaal niet.
Ook dat is goed.
Misschien heeft ze behoefte aan een knuffel.
Aan bescherming.
Aan aandacht.
Aan iemand die naar haar luistert.
Misschien wil ze spelen.
Misschien wil ze huilen.
Misschien wil ze gewoon dat je bij haar blijft zitten.
Geef haar dan de ruimte om te zijn wie ze is.
En vraag jezelf,
Wat zou ik haar willen zeggen?
Welke woorden had dit kleine meisje vroeger nodig?
Welke woorden had jij nodig?
Misschien wil je haar zeggen.
Ik zie je.
Ik hoor je en je hoeft niet sterk te zijn.
Je hoeft niets te bewijzen.
Je mag voelen wat je voelt en je mag helemaal jezelf zijn.
Of misschien komen jouw eigen woorden,
Woorden die alleen jij kunt vinden.
Spreek ze dan zachtjes uit.
En voel hoe ze reageert.
Hoe ze zich voelt wanneer jij er bij haar bent.
Wordt ze rustiger?
Komt ze dichterbij?
Kijkt ze je aan?
Of houdt ze misschien nog wat afstand?
Kijk eens naar haar gezicht en vraag jezelf dan eens af,
Hoe kijkt ze nu naar mij?
Kijkt ze met vertrouwen?
Met opluchting?
Met liefde of misschien nog met twijfel,
Voorzichtigheid of afstand.
Je hoeft het antwoord niet mooier te maken.
Wees maar eens eerlijk en wees tegelijkertijd zacht voor jezelf.
Vraag jezelf,
Ben ik vandaag een veilige haven voor de kleine mij?
Kan ze terecht bij mij wanneer het moeilijk wordt?
Luister ik naar haar?
Bescherm ik haar?
Geef ik haar de ruimte om te voelen?
En geef ik mezelf wat ik nodig heb?
Misschien voel je dat je een veilige haven bent voor haar.
Misschien voel je hoeveel je inmiddels hebt geleerd.
Hoeveel je bent gegroeid.
Maar misschien voel je ook,
Er is nog werk aan de winkel.
En ook dat mag er zijn,
Hè.
Je hoeft vandaag niet alles te herstellen.
Je hoeft niet ineens alles anders te doen.
Het begint met bewustzijn.
Met zien.
Met luisteren.
Met aanwezig zijn.
En misschien wil je haar beloven.
Ik zal er altijd voor je zijn.
Ik zal beter naar je luisteren.
Ik zal niet meer zomaar over mijn eigen grenzen gaan.
Ik zal beter voor jou zorgen.
Ik zal steeds opnieuw naar mezelf terugkeren.
Niet de belofte dat alles perfect zou zijn,
Maar de belofte dat je haar niet meer zomaar achterlaat.
En als het goed voelt,
Strek dan langzaam je armen naar haar uit.
Misschien komt ze naar je toe.
Misschien ga jij naar haar toe.
En dan,
Omarm de kleine jij.
Voel haar tegen je aan.
Voel hoe klein ze is.
Misschien voel je haar kwetsbaarheid.
Misschien haar verdriet.
Misschien haar kracht.
En misschien voel je iets wat woorden overstijgt.
Blijf haar maar even vasthouden.
Je hoeft niets te zeggen.
Alleen maar samen te zijn.
En besef dan,
Dit ben ik.
Dit kleine meisje hoort bij mij.
En ik hoef haar niet meer achter te laten.
En terwijl je haar vasthoudt,
Voel je misschien precies wat jij nodig hebt om gelukkig te zijn.
En vraag jezelf dan eens zacht.
.
.
Wat heb ik te doen om mijn geluk te volgen?
Niet wat anderen van je verwachten.
Niet wat je zou moeten doen.
Niet wat verstandig lijkt voor de buitenwereld.
Nee,
Wat maakt mij gelukkig?
Waar verlangt mijn hart naar?
Waar word ik blij van?
Wat wil er in mijn leven en wat en waar mag ik meer ruimte voor maken?
Wat mag ik loslaten?
En wat mag ik opnieuw toelaten?
Misschien komt er een antwoord,
Een beeld,
Een gevoel,
Een persoon,
Een verlangen,
Een richting of misschien nog helemaal niets.
Je hoeft het antwoord nu niet te weten.
Vertrouw erop dat iets in jou het weet.
En kijk dan nog één keer naar het kleine meisje en laat haar voelen.
Ik ben er.
Ik zie je.
Ik luister naar je.
Je bent belangrijk voor mij en ik kom steeds weer bij jou terug.
Misschien glimlacht ze.
Misschien voelt ze zich opgelucht.
Misschien gaat ze weer spelen.
En misschien gaat ze rustig liggen in het gras.
Laat haar maar haar eigen plek innemen.
Je hoeft haar niet mee te nemen uit het bos.
Ze blijft in jou.
En je weet nu dat deze plek bestaat.
Dit bos,
Deze open plek,
Dit meisje,
Deze ontmoeting,
Een veilige plek waar je altijd naar terug kunt keren,
Wanneer het leven te druk wordt,
Wanneer je jezelf weer even kwijt bent,
Wanneer je wilt voelen wat er werkelijk in jou leeft.
Je kunt altijd terugkomen.
Neem de omgeving nog één keer goed in je op,
De bomen,
Het licht,
De kleuren,
De geur,
De temperatuur en het geluid van de natuur.
Dank deze plek.
Dank het kleine mensje.
En misschien ook jezelf.
Omdat je vandaag de tijd hebt genomen om naar binnen te keren.
En dan,
Dan draai je je langzaam om en je loopt rustig terug over het bospad,
Stap voor stap.
Je laat het bos achter je,
Maar je neemt de rust met je mee.
De ontmoeting neem je mee,
Het inzicht neem je mee en misschien vooral het besef dat je altijd naar jezelf terug kunt keren.
En langzaam kom je weer terug bij je lichaam.
Voel de plek waar je zit of ligt.
Voel de ondergrond onder je.
Voel je voeten,
Je benen.
Je buik.
Je borst.
Je schouders,
Je armen,
Je handen.
Voel je ademhaling en adem rustig in.
En langzaam weer uit.
Misschien beweeg je zachtjes je vingers,
Je tenen,
Rol je schouders wat los en neem je nog één hele diepe ademhaling.
Adem helemaal in.
En laat langzaam weer los.
En voel dan,
Ik ben hier.
Ik ben terug in het nu.
Ik hoef niets.
Ik mag gewoon zijn.
En wanneer je er klaar voor bent,
Open je langzaam je ogen.
Kijk je rustig om je heen en neem je rustig de tijd om weer terug te komen.
En neem dan één ding mee uit deze meditatie.
De kleine jij woont nog altijd in jou.
Luister naar haar,
Zorg voor haar en volg wat voor jou werkelijk gelukkig maakt.
Maak kennis met je leraar
5.0 (2)
